People Education Research Industrial Agenda  
 
Overview MSc info MSc program MSc topics ET TN WBMT  

 
WBTP211-10: Mechatronica project
ECTS: 10
Verantwoordelijk Docent: dr.ir. X.J.A. Bombois
Docent: Dr. M. Mazo Espinosa, ing. J.E. Seiffers
Contacturen / week x/x/x/x: 6/4/0/0 of 0/0/6/4
Onderwijsperiode: 1, 2, 3, 4
Start onderwijs: 1, 3
Tentamenperiode: 2, 4, 5
Cursustaal: Nederlands
Vakinhoud: Trefwoorden:
Mechatronica, mechanica, elektronica informatica, meten, sensoren, actuatoren, aandrijving, filters, signaalconditionering, modelleren, dynamica, regelen, computer programmeren.
Project:
Het project bestaat uit 3 delen beslaat in het totaal 1 semester. De college uren en de ingeroosterde laboratoriumwerkzaamheden worden in het rooster weergegeven. De delen 1 en 2 worden in teams van twee personen uitgevoerd. Van deze delen moeten alle opgaven en metingen met bijbehorende uitwerking worden verwerkt in een logboek. De eindopdracht (deel 3) wordt in groepjes van vier personen uitgevoerd en hiervan dient een presentatie te worden gegeven.
Leerdoelen: 1. De student kan spanningen en stromen in een complex weerstandennetwerk berekenen en meten met behulp van de regels voor serie- en parallelschakelen, van het superpositie beginsel, van de maasmethode of van het Thevenin-equivalent.
2. De student is bewust van de meetnauwkeurigheid van de meetinstrumenten en kan de meetfout bepalen die door het meetinstrument wordt veroorzaakt (loading effect).
3. De student kan de versterking berekenen van een positieve versterker, een negatieve versterker, een sommator en een verschilversterker (teruggekoppelde OpAmps).
4. De student kan deze versterking ook berekenen voor netwerken die bestaan uit het serieschakelen van verschillende teruggekoppelde OpAmps.
5. De student kan het concept ``impedantiesíí gebruiken om de overdrachtsfunctie van zowel passieve als actieve filters (netwerken met ook spoelen en condensatoren) te bepalen. De student is bewust van de voordelen van actieve filters in het geval van loading.
6. De student kan de spanningen en stromen in de netwerken van item 5. bepalen als de energiebron sinusoidaal is.
7. De student kan het gedrag van het filter interpreteren door middel van het Bode diagram van zijn overdrachtsfunctie (hoogdoorlaat-, laagdoorlaatfilter,..)
8. De student kan voor simpele netwerken dit Bode diagram ook tekenen (asymptotische benadering)
9. De student is bewust van het inschakelgedrag van netwerken die bestaan uit spoelen en condensatoren en kan dit berekenen voor simpele netwerken.
10. De student kan zulke netwerken in de lab bouwen, hun gedrag theoretisch beschrijven en dit gedrag valideren door middel van geschikte metingen.
11. De student kan sensoren classificeren in de categorieŽn absoluut, relatief, analoog, digitaal; specificaties van sensoren lezen en interpreteren; de werkingsprincipes van de in het lab gebruikte sensoren beschrijven en deze sensoren aansluiten.
12. De student kan de werking van een DC-motor beschrijven; basis vergelijkingen en gedrag van de DC-motor met permanente magneet afleiden, beschrijven en interpreteren; metingen uitvoeren om het gedrag van een DC-motor te bepalen.
13. De student kan het dynamisch motorgedrag door middel van een wiskundig model beschrijven en m.b.v. Matlab en Simulink simuleren. Schakelingen en opstellingen voor het meten van dynamische motorkarakteristieken bedenken, bouwen en gebruiken. Divergentie tussen werkelijkheid en model verklaren. Werktuigkundig inzicht in praktische toepasbaarheid DC-motor.
14. De student kan verschillende typen en toepassingen van rekstrookjes beschrijven, met behulp van Brug van Wheatstone rek-berekeningen maken en interpreteren; plaatsings-principes van rekstroojes in de Brug van Wheatstone en implicaties hiervan voor compensatie-werking beschrijven.
15. De student kan de eigenfrequenties van torsietrillingen bij benadering berekenen en simuleren met Simulink; torsietrillingen in een lab-situatie opzetten en meten; massatraagheidsmoment door middel van eigenfrequentie bepalen.
16. De student kan een open technische opgave, door middel geÔntegreerde toepassing van mechanica, elektronica en informatica, zelfstandig oplossen en deze oplossing praktisch realiseren.
Onderwijsvorm: Project
Toelatingseisen: M.i.v. het studiejaar 2011-2012 zijn de ingangseisen voor de 2e jaars projecten als volgt gedefinieerd:
1. minimaal 40 ECTS van de Propedeuse behaald hebben in de periode tot en met de 4de tentamenperiode waaronder het inhoudelijke vak:
a. Voor Mechatronica (wbtp211): Modelvorming en Regeltechniek (wb2104).
b. Voor Energie (wbtp212): Thermodynamica (wb4100).
Algemeen:
Omdat de tentamens onmogelijk op tijd nagekeken kunnen worden, kunnen de resultaten van de augustus tentamenperiode niet meetellen bij de vaststelling of je aan de ingangseisen voor een project dat in periode 1A start voldoet. Deze resultaten tellen pas mee voor de projecten in periodes 1B (Maritieme Techniek) en 2A (Werktuigbouwkunde en Maritieme Techniek).
Hetzelfde geldt voor tentamens en/of herkansingen op andere momenten: de resultaten kunnen niet meteen meetellen om toegelaten te worden in een project van de eerstvolgende periode.
N.B. Voor de ingangseisen voor het studiejaar 2010-2011 wordt verwezen naar de studiegids 2009-2010 op http://studiegids.tudelft.nl
Wijze van toetsen: Schriftelijk
Percentage ontwerponderwijs: 30%
Ontwerpcomponent: Het ontwerp is het afsluitende deel van dit project: de eindopdracht, het oplossen van probleem in een open vraagstelling. De opdracht is het ontwerpen en bouwen van een automatisch werkend systeem met een aantal complexe taken en handelingen, welke m.b.v. de computer verwerkt en geregeld worden in een automatisch proces. De laatste jaren werd een tonnen sorteer en vulsysteem ontworpen.
Judgement: De beoordeling gaat plaatsvinden aan de hand van het logboek, 1 schriftelijk tentamen en een eindpresentatie.
1. Voor deel I en deel II wordt er een logboek bijgehouden. De docenten zullen enkele vragen selecteren en deze beoordelen (voor zowel deel I als deel II).
2. Voor deel III (de eindopdracht) is er een eindoplevering waarbij de studenten een eindpresentatie moeten geven.
3. Aan het eind van het project wordt ook de theorie beoordeeld met behulp van een schriftelijk tentamen (digitaal opgenomen).
Last modified: 6 November 2013, 15:25 UTC
Search   Site map